Overslaan en naar de inhoud gaan

“Ik heb tot bijna twee jaar geleden op de IC in Alkmaar gewerkt. Nog voordat de eerste coronapatiënt in Nederland was geregistreerd, heeft het ziekenhuis mij benaderd en gevraagd of ik er voor voelde tijdelijk terug te keren. Ik stond daar meteen positief tegenover. Ik weet dat ik dit kan. Bovendien hoorde ik dat er een tekort aan gespecialiseerd IC-personeel was.”

“Op 9 april draaide ik mijn eerste dienst. Natuurlijk was het even wennen, maar ik ben ingedeeld op mijn oude unit, bij mijn oude collega’s en het voelde al heel snel vertrouwd aan – alsof ik nooit was weggeweest. Het is hard werken, maar de sfeer is heel goed. Iedereen zet zijn beste beentje voor.”

“Het werken op de IC geeft mij persoonlijk veel voldoening en ik vind het écht heel goed dat de GGD mij tijdelijk heeft willen detacheren. Ik kan mij inzetten op de plek waar ik het hardste nodig ben. Bovendien kun je op de IC echt alles uit de kast halen om een mensenleven te redden. Als dat uiteindelijk niet lukt, dan weet je dat al het mogelijke in het werk is gesteld.”

“Het werken op de IC is lichamelijk intensief, maar voor mij niet extreem zwaar of emotioneel belastend. Ook niet in deze tijd. Ik ken het klappen van de zweep en in die zin is het niet anders dan toen ik er in het verleden werkte. Wat ik wél lastig vind, is dat familie niet kan langskomen en het contact vaak telefonisch of met behulp van beeldbellen is. Normaal kijk je elkaar in de ogen en kun je een arm om iemand heen slaan om iemand te troosten. Dat kan nu niet. Dat maakt het afstandelijker.”

“Voor mezelf was dit absoluut het juiste om te doen. Als ik straks terugkijk, dan weet ik zeker dat ik blij en dankbaar ben dat ik iets heb kunnen betekenen. Maar terugkijken is voorlopig niet aan de orde. Het is weliswaar minder druk en hectisch dan een maand geleden, maar nog altijd is veel onzeker. Het is een heel grillig, onvoorspelbaar virus. Ik focus zoveel mogelijk op het nu, mezelf, mijn eigen unit en mijn eigen patiënten. Doen wat ik kan, dat is de opdracht die ik mezelf elke dag geef.”